zaterdag 5 januari 2019

Uit het niets van Atie Vogelenzang

Dit boek kwam eigenlijk min of meer per ongeluk op mijn pad en omdat de cover (een mysterieus huisje in de mist) en de titel me direct aanspraken legde ik mijn to readlist opzij en begon direct te lezen. 


Niet heel vaak overkomt het me dat het eerste hoofdstuk van een boek als een enorme knal bij me binnenkomt. Wat was ik positief verrast door een goed geschreven, scherp begin. Hoofdpersoon Barbara komt nietsvermoedend binnen in haar huis en ontdekt een man met een bivakmuts in haar slaapkamer die haar aanvalt. Ik kon de scène exact voor me zien. Barbara ontpopt zicht direct als een lekker nuchtere dame, waarbij bij deze aanval niet de bevriezen- of vluchtenvariant van toepassing blijkt, maar nee, ze vecht als een leeuwin terug En met resultaat. Ze slaat haar overvaller neer en hij blijkt later overleden. 


Het was net of ik een sterk begin van een film had gezien, ik zat op het puntje van mijn stoel en begon verwachtingsvol met het lezen van het verhaal… Wie is de overvaller van Barbara? Waarom wil iemand haar kwaad doen? Is de overval wel voor haar bedoeld?


Echter, na dit veelbelovende begin zakte het boek als een plumpudding in elkaar. Hoofpersoon Barbara ontwikkelt zich totaal niet. Als lezer krijg je geen zicht op haar belevingswereld waardoor het een vaag en oppervlakkig karakter blijft. Uit het niets is in alle opzichten een passende titel. Ik vermoed dat de titel doelt op de overval die uit het niets kwam, maar vervolgens worden er door de schrijfster personen en gebeurtenissen aan het verhaal toegevoegd die net zo goed uit het niets komen. Zo lijkt haar collega grote Cora in eerste instantie verliefd op haar, blijkt ze vervolgens een Dissosiatieve Stoornis te hebben (uit het niets), wordt ze toch een soort van reddende engel maar blijkt dakloos waarna Barbara heer in huis neemt.   Uit het niets schenkt grote Cora een slordige 2 ton aan Barbara (gekregen van een patiënt?!) waarmee Barbara de schuld van haar ex afbetaald. Zo gaat het verhaal over in de vermissing van de ex, de inzet van een privé detective, wordt ze gedrogeerd door meerdere personen, gaat ze uit het niets uit de kleren met de dierenarts die ook gelooft dat je met katten kunt praten; er is werkelijk geen touw aan vast te knopen.


Uiteindelijk komt er een soort van climax, maar die wordt zo afgeraffeld en cru ten einde gebracht dat het alle kracht van een echte climax mist. Vogelenzang komt zelfs nog met een twist maar die komt zo vanuit het niets, met een uitgebreide uitleg om nog enigszins samenhang te creëren dat het totaal ongeloofwaardig overkomt. Ten slotte is er dan nog een zeer geforceerd geheimzinnig einde waarbij je als lezer volledig onnodig met vraagtekens over blijft. 


Het enige pluspunt is dat Atie Vogelenzang zeker kan schrijven. Ze gebruikt korte zinnen, is to the point en heeft een vlotte pen. Het boek leest op zichzelf soepel weg. Alleen het enorm zwakke plot, de slecht uitgewerkte personages, het gebrek aan samenhang en diepgang (als lezer heb je al bladzijden lang in de gaten wat er gaande is, voordat het verhaal het eea duidelijk beschrijft) maken het boek uitermate zwak. Ergens schrijft Atie haar dank aan haar redacteurs en de groep mensen die het boek proef gelezen hebben. Ik vraag me echt af dit wel klopt of dat deze mensen hebben zitten slapen. Ik heb het boek uitgelezen omdat ik het begin zo gaaf vond, in de hoop dat het verhaal nog zou boeien, maar helaas ging het verhaal als een nachtkaars uit.


Ik geef het boek 1 ster omdat Atie Vogelenzang echt wel kan schrijven (tot nu toe schreef ze alleen boeken samen met een duoschrijver), maar over dit plot en de personages had ze echt beter moeten nadenken!

woensdag 2 januari 2019

Pulp van Charles Bukowski

Het verhaal (in een notendop): Detective Nick Belane heeft het plotseling druk. Hij krijgt de opdracht een zekere Céline (een mislukte Franse schrijver die geweigerd heeft te sterven en nu boekhandelaren terroriseert) op te sporen en uit te leveren aan een zekere Lady Death; hij wordt ingehuurd door een begrafenisondernemer die lastiggevallen wordt door een vrouwelijk buitenaards wezen; hij moet een rode mus lokaliseren en tot slot een overspelige vrouw schaduwen. De slonzige Belane, die liever drinkt en gokt dan werkt, komt van de ene onmogelijke situatie in de andere terecht.
Bukowski is vooral gekend om zijn boeken die voornamelijk over de gewone, arme Amerikaan gaan. Belangrijke thema's in zijn rauwe, absurdistische verhalen zijn alcohol en vrouwen. Met 'Pulp' nam hij op een prachtige manier afscheid van zijn lezers. Het is al bij al toch wel een mildere afrekening van het leven dan men wellicht van Bukowski zou verwachten.
'Pulp' is een beetje een vreemde eend in het oeuvre van de undergroundauteur. In dit allerlaatste boek van Bukowski voor één keer geen (semi-)autobiografisch verhaal, maar een ware waanzinnige fictie-detectiveroman. Het boek wemelt van de vermakelijke situaties en de oneliners. Boordevol clichés en typische stijlkenmerken van het genre worden zalig uitvergroot. Het geheel neigt naar stationsromannetjes, platte fantasy en meer van dat soort 'eersteklas' pulp. Hopelijk is er niemand die de verschillende lagen niet ziet en het als een volwaardige thriller leest, want die is er aan voor de moeite. Het is één grote, geslaagde, vermakelijke parodie op de 'hardboiled' detective. Absurd. Maar in al zijn absurditeit geniet je er toch wel van. Allez, dat heb ik toch alvast gedaan. Van de humor, de no-nonsense van Belane. Het toch wel gekke verhaal. De opdracht alleen al zegt alles: “Opgedragen aan de B-literatuur”.
Deze keer dus geen Henry Chinaski als antiheld en alter ego van de auteur, maar dus wel Nick Belane (“de beste privédetective van L.A.), die geilt op borsten en konten, bij voorkeuren rondhangt op de renbanen of in obscure kroegen waar hij het steevast aan de stok krijgt om een futiliteit met de barman. Hierin verschilt hij amper van Chinaski  Maar hij lost de ene zaak na de andere op. Het liefst op de meest onorthodoxe manier. Zijn eerste opdrachtgever, is een beeldmooie, supersexy, kortgerokte vrouw: Lady Death. Neen, voor Bukowski geen Pietje de Dood, maar een adembenemende schoonheid.
Geschreven enkele maanden voor zijn dood, en van alle bladzijden spat de angst hiervoor dan ook af. Hij filosofeert erover en stelt een aantal daarmee gepaard gaande levensvragen. Hij is hier teruggegaan naar het oorspronkelijke geraamte van de detective, maar heeft er zin eigen typische 'smerige' laag overheen gegoten: vloeken, schelden, vechten en slechte seks. Bukowski werd door iemand ooit 'een wandelende middelvinger' genoemd en wellicht terecht. Volgens inleider Simon De Waal is 'Pulp' een laatste en eervolle 'vet' uitgestoken middelvinger naar het genre, naar de dood. En naar het leven.
In al zijn grimmigheid is deze zwarte roman bijzonder komisch. Bij momenten zelfs zwaar hilarisch, zoals de slotscène. Dik erover, maar daar hou ik best wel eens van  De korte, maar krachtige dialogen zijn ijzersterk.
Na het voltooien van het boek, overleed Bukowski op 9 maart 1994, 73 jaar oud, aan leukemie. Graag gelezen

4 sterren

Jan Rooms

‘Sneeuwland’ van Yasunari Kawabata

 (4****) Het verhaal: Tegen de achtergrond van een traditioneel Japans kuuroord schildert deze roman de gevoelswereld van Shimamura, die...