Posts tonen met het label Hamley Books. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Hamley Books. Alle posts tonen

zondag 26 februari 2023

Naar het Licht van Nina Verheij leesclub



Waarom leef ik nog wel en zij niet? Sinds de dood van haar ouders en broer wordt Jo achtervolgd door schuldgevoelens. Al bijna acht jaar is ze ervan overtuigd dat ze meer had kunnen doen om hun levens te redden. Wanneer ze voor het eerst terug is in haar geboorteland besluit ze dat het tijd is voor een nieuw begin. Ze is de allesoverheersende haat in haar hart zat. Slechts één missie kan verlossing brengen: ze gaat vóór haar achttiende verjaardag rechtzetten wat haar als kind niet lukte.

Drie deelnemers lazen Naar het licht

 

Yoo:

De proloog begint spannend en spreekt meteen aan om je knus in de zetel te zetten en verder te lezen.


Hoofdpersonage Jo heeft iets verschrikkelijks meegemaakt toen ze 10 jaar was en wil dit kost wat kost rechtzetten. Betty, haar trouwe golden retriever begeleidt haar hierbij. Ook Fien, een 10-jarig meisje wordt meegenomen op haar avontuur. Samen gaan ze op pad naar Fulenië.

Het is een zeer origineel plot en het einde had ik niet zien aankomen. Het boek is ingedeeld in dagen. Bij elke dag in het boek staat er een liedje. Voor ik met de nieuwe dag begin, vind ik het leuk om eerst het bijbehorende liedje te beluisteren. De hoofdstukken zijn ook niet heel lang, wat ik persoonlijk ook aangenamer vind om te lezen.

Nina gebruikt zeer mooie beschrijvingen in haar boek. Ik vond het einde zo mooi. Het heeft me echt gepakt. En al de puzzelstukjes vielen op hun plek. Het verhaal was af. Hoedje af, Nina!

Om af te sluiten wil ik nog zeggen dat ik dit persoonlijk een van de mooiste young adults vind die ik al gelezen heb. Ik heb er enorm van genoten en hoop dat er in de toekomst nog young adults van haar hand mogen volgen.

 

Dikke 5 kraaien

 

Hilona:


Waarom leef ik nog wel en zij niet?

Het boek begint direct met een beklemmende proloog. Dat belooft wat! Nina heeft een prettige schrijfstijl en de korte hoofdstukken lezen lekker weg. Met haar beeldende haast filmische taal voelt het bijna alsof ik naast Jo loop terwijl zij afreist naar haar geboorteplaats. Het verhaal wordt opgedeeld in dagen en de opbouw is traag. Ik vind dit hier echter helemaal niet storend. Jo intrigeert mij en ik ben benieuwd naar het hele verhaal. Ook Fien raakt me en ik denk te weten hoe zij zich verhoudt tot Jo. Het verhaal zit vol emoties en doordat de personages goed zijn uitgediept en het daardoor gemakkelijk is je met de hoofdpersonages te identificeren, komen deze emoties behoorlijk bij mij binnen. Het einde is verrassend en ik ben trots op hoe Jo zich heeft gehouden.
Mijn eindoordeel:
Ik heb me erg vermaakt met deze eerste YA van Nina en ik denk dat dit boek zeker ook buiten de doelgroep gewaardeerd zal worden.

 

Naar het licht van Nina Verheij krijgt van mij 4 kraaien/inktpotjes.

 

Jantsje:


Het is de eerste young adult die Nina Verheij heeft geschreven, en ik hoop dat er meer volgen.
Al vanaf de eerste bladzijde, al bij de proloog word ik in het verhaal gezogen. Het blijft me bezighouden. Het speelt zich af in Fulenië, en ze hebben een eigen taal, Fuleens.
Nadat ik het boek uit had vond ik het toch wel jammer dat er geen bestaand land zoals Noorwegen, Zweden of Finland was gekozen, want dat had het voor mij net iets echter gemaakt.

Ik vond het spannend toen de inbreker het meisje ontdekte. De inbreker is de zeventienjarige Jo en die heeft samen met haar hond, een golden retriever genaamd Betty een missie, want ze wil voor haar achttiende verjaardag rechtzetten wat haar als kind niet lukte. Jo neemt de tienjarige Fien mee op haar missie, en onderweg beleven ze van alles, komen ze steeds dichter bij het einddoel.
Ik voel erg met de getraumatiseerde Jo mee, wat zij allemaal heeft meegemaakt. Ik vond het wel vreemd dat ze Fien meeneemt en dat niemand naar Fien op zoek is.
Op ongeveer 2/3 van het boek zegt Fien iets wat mij aan het denken zet. Opeens gaat er een lampje branden en zie ik het licht. Vanaf dat moment heb ik een theorie wat de connectie tussen Fien en Jo is. En inderdaad toen het boek uit was bleek mijn gevoel juist, en had het boek voor mij een heerlijk einde. Ik vond het een fijn boek, een boek wat je liever niet aan de kant legt maar in één keer wilt uitlezen. 

Naar het licht krijgt van mij 4 kraaien. 

 

 

 

 

maandag 6 februari 2023

Leesclub met Naar het Licht van Nina Verheij.


Waarom leef ik nog wel en zij niet? Sinds de dood van haar ouders en broer wordt Jo achtervolgd door schuldgevoelens. Al bijna acht jaar is ze ervan overtuigd dat ze meer had kunnen doen om hun levens te redden. Wanneer ze voor het eerst terug is in haar geboorteland besluit ze dat het tijd is voor een nieuw begin. Ze is de allesoverheersende haat in haar hart zat. Slechts één missie kan verlossing brengen: ze gaat vóór haar achttiende verjaardag rechtzetten wat haar als kind niet lukte. 


Fany:

Deze young adult is er niet zomaar één.  Nina Verheij laat me vanaf het begin de kolkende emoties van Jo voelen.  Stilaan wordt duidelijk hoe ontzettend heftig haar verleden was en hoe gebroken ze nu is.


Samen met de jonge maar wijze Fien en een belangrijk voorwerp begint ze aan een bijzondere trip. Zal ze rust vinden als ze zich overgeeft aan de haat  en het schuldgevoel of is er een andere manier om haar hart opnieuw te laten spreken?

Naar het licht is een prachtige young adult vol emotie, wijsheid en symboliek. Het verhaal is nooit te zwaar op de hand maar de auteur laat op een subtiele wijze zien hoe verdriet echt voelt en welke gevolgen trauma kunnen hebben. Een boek om stil van te worden met een boodschap die niet alleen young adults zal omver blazen.


4,5 kraaien

 

Wendy:


Samen met Jo en Fien een mooie tocht gemaakt door de prachtige omgeving van het denkbeeldige Fulenië. Nina omschrijft de omgeving zo mooi dat het verhaal tot leven komt.

Jo maakt ons deel van haar gedachten. Steeds geeft ze een beetje meer prijs over die gruwelijke gebeurtenis in het verleden. De dag dat alles voor haar veranderde en haar schuldgevoel samen met de pijn en de boosheid groeide. Emoties lopen steeds verder op.... 

Deze tocht om alles achter zich te kunnen laten en door te kunnen gaan als (18 jarige) volwassene. 

Mooi hoe de personages van Jo en Fien naar elkaar toegroeien. De verkregen inzichten gedurende de reis en de manier hoe daarmee omgegaan wordt zijn, naast het feit dat ze goed beschreven zijn, ook zeer leerzaam. Ik ben ervan overtuigd dat hiermee de juiste doelgroep gekozen is. 

Ik heb genoten van dit boek. Het heeft me tot tranen toe geraakt zo leefde ik mee met Jo. 

Je hebt het weer geflikt om een pareltje af te leveren Nina!

 

Naar het Licht krijgt van mij 5 inktpotjes. 

 

Anita:

Het perspectief van de steenarend.


 

Proloog: een jonge inbreekster (Jo) sommeert een jong meisje (Fien) dat getuige is van de inbraak in haar huis om met haar mee te gaan. Het is de aftrap van een roadtrip door een fictief land, Fulenië genaamd, die zal eindigen op dag 8. Elke dag wordt ingeleid door enkele liedjesverzen die die hele dag blijven nagalmen.

De tocht gaat door weer en wind over glibberige en modderige paden. De hellingen die moeten beklommen worden geven aan de tocht van de twee meisjes niet enkel een realistische omkadering, ze zijn tevens deel van één grote metafoor.

Jo staat op een kantelpunt. De louterende tocht doorheen Fulenië brengt thema’s als rouwverwerking en schuldgevoel rauw en puur op de voorgrond. Als jong meisje op weg naar de volwassenheid dringen zich steeds dringender vragen aan haar op, gevoelens staan op ontluiken maar boezemen nog veel angst in; belangrijke knopen wachten om doorgehakt te worden.

‘Naar het licht’ is modern, meeslepend en raakt. Deze YA voelt heel doorleefd en eerlijk.

‘Naar het licht’ is een boek dat jongvolwassenen die het verlies van geliefden moeten verwerken of die struggelen op weg naar volwassenheid kan troosten en eventueel (een ander) perspectief kan bieden.

 

Heel mooie Young Adult!

4.5 inktpotjes!

 

Jolanda:


Ik vind het als volwassen lezer moeilijk om een YA boek goed te beoordelen, maar ik denk dat Nina er prima in geslaagd is een mooi en boeiend verhaal neer te zetten.

Het boek begint spannend, met een inbraak en een ontvoering. Je zit als lezer meteen met vragen: hoe zit het allemaal in elkaar, waar gaat de reis naartoe, wat is er acht jaar geleden gebeurd en welke rol heeft Jo daarin gehad. Vragen die tijdens de trektocht die Jo onderneemt langzaam ontrafeld worden.

Nina Verheij hanteert daarbij een beeldende en soepele manier van schrijven, ze neemt je helemaal mee in Jo’s reis en ontwikkeling. Ook moet ik geregeld grinniken om de subtiele humor die ze in haar verhaal verwerkt. Daardoor wordt het verhaal nergens echt zwaar. Wel had ik wat moeite met de combinatie van fictieve en bestaande setting in het boek. Dat was wel uit mijn hoofd toen we Nina konden vragen waarom hiervoor gekozen is, maar maakte wel dat ik een extra laag in het verhaal bedacht, die achteraf niet bleek te kloppen.

Gelukkig eindigt het verhaal wel hoopvol, dat kwam wel overeen met wat ik had bedacht.

Een mooie YA waarin moeilijke thema’s een plek krijgen en wat je aan het eind met een gevoel van gerechtigheid en hoop kunt dichtslaan.

 

4 inktpotjes

 

donderdag 19 januari 2023

Interview met Joke en Barbara van JB Ocean

 


J. B. Ocean is het pseudoniem voor de twee schrijvende vriendinnen Barbara De Smedt en Joke Vander Aa.  Hun eerste boek samen kreeg de titel ‘Blauw’.  En nu zijn ze terug!  ‘Kersenrood en kriekezot’ is hun tweede schrijfproject samen, ook deze keer onder de vleugels van Hamley Books.  En wij van Boekinkt!! mochten hen wat vragen.

Dag Barbara en Joke!

• Jullie hebben jullie tweede boek van jullie samen uit.  Hoe trots zijn jullie?

Joke: We schrijven uiteraard samen, maar naast ons beiden delen ook de redacteurs etc… in het eindresultaat. Dat maakt dat het best een intensief proces is, en dan ben ik best wel trots op het eindresultaat. Vooral als ik mag vernemen dat anderen plezier hebben aan het lezen van het verhaal.

Barbara: Een boek schrijven is steeds weer een heel project, en het met twee auteurs doen maakt het nog ingewikkelder, dus: heel trots!

  Tussen ‘Blauw’ en ‘Kersenrood en kriekezot’ zitten om en bij de twee jaar?  Voelde het vertrouwd om de draad weer op te pakken?

Joke: Blauw bleek een goede oefening te zijn geweest. En doordat Barbara intussen ook individueel 2 boeken had afgewerkt was zij al meer bekend met het technische aspect van een boek schrijven. Daardoor gingen we deze keer meteen gestructureerder te werk. Het was wederom een hele fijne ervaring, ook om te ontdekken dat we vaak dezelfde ideeën en smaken hebben. We wisten vrij snel dat we ‘iets’ met eten zouden wilden doen. Onze eerste naam voor het project was dan ook ‘Cookie’.

Barbara: Het was weer even wennen, maar dat is een beetje zoals fietsen 🙂

  p. 10 “Soms weet je gewoon .. “ Deze openener lijkt me heel autobiografisch!  Barbara, jij nam ooit de beslissing om België te verruilen voor een stek in een ander land.  Verwijst deze uitspraak naar jou of ben jij Joke, ook iets van plan in deze zin?

Joke: Ik ben jaren geleden vanuit Vlaams Brabant naar Antwerpen verhuisd. Hoewel ik dan wel binnen België bleef heb ik mijn leven toch helemaal moeten ‘herinrichten’. Ik heb hier nu een fijne vriendenkring en onze 4 kinderen hebben hier ook een gezellig leven. Ik ga dus nergens heen.

Barbara: Ik denk niet dat het een specifieke verwijzing naar een van ons was, tenzij onbewust? Het hoeft zeker ook niet over hele grote veranderingen te gaan, zoals verhuizen naar Portugal, maar eerder naar dat gevoel van vast te zitten in een bepaalde sleur en de behoefte voelen aan iets nieuws. Een nieuwe job, een ander kapsel, of wie weet gewoon een nieuw tapijtje in de woonkamer.


  Hoe verliep het schrijven als duo nu jullie toch een heel eind uit elkaar wonen?

Joke: Met dank aan internet, google drive, en duidelijke afspraken verliep dat vrij vlot. Hoewel het tempo wel hoog lag: iedere maandagavond whatsappten we en overliepen we de hoofdstukken die we ter voorbereiding hadden geschreven. Persoonlijk heb ik Barbara soms wel gemist in ‘real life’. Tijdens het schrijven van Blauw spraken we soms af in een gezellige koffiebar om te fantaseren over het verhaal. Die momenten waren er nu niet en dat was wel jammer.

Barbara: Hier kan ik Joke alleen maar bijtreden: samen schrijven is veel leuker als je ook echt kan afspreken. Online is toch niet hetzelfde…

  Hoe kreeg het boek de titel ‘Kersenrood en kriekezot’?  Ik had het woord ‘kriekezot’ nog nooit gehoord.

Joke: Door middel van een kleur in de titel toe te voegen verwezen we ergens een beetje naar Blauw. Kersenrood paste mooi bij het verhaal, of kwamen die kersen pas na het vinden van de titel? Dat weet ik niet meer. Over ‘Kriekezot’ hebben we getwijfeld omdat we beseften dat dat in Nederland geen gekend woord is. Maar het bekt zo lekker, dus hielden we voet bij stuk.

Barbara: Ik had kriekezot ook nog nooit gehoord, maar ik vond het geweldig klinken! Joke kwam daar al eerste mee. Het kersenrood kwam natuurlijk door het verhaal van Georgina en Paolo.

  Charlie’s zaak noemt de Broc ’n Roll.  Muziek is er quasi altijd.  Zit jullie liefde voor muziek hier voor iets tussen?

Joke: Absoluut. Muziek is heel bepalend voor de stemming We wilden de sfeer dus zo een beetje in het verhaal brengen.

Barbara: Ik ben een grote muziekfanaat, dat komt in mijn eigen boeken ook terug. Onze muzieksmaak verschilt wel, maar dat maakte voor dit boek niets uit.

  Speelt Charlie in haar zaak jullie lievelingsmuziek?  Hoe zouden jullie jullie muzieksmaak omschrijven?  Wie vinden we terug in jullie Spotifylijst?

Joke: Ik heb een zeer eclectische muzieksmaak. Bruce Springsteen blijft mijn ultieme ‘crush’ maar evengoed kan ik enorm genieten van Ludovico Einaudi of ga ik uit de bol op Nathaniel Ratecliff. Met iconische Franse chansons weet je me ook altijd te verleiden.

Barbara: Charlie speelt vooral Joke’s muzieksmaak, denk ik. Ik hou heel erg van alternatieve rock, zoals Afghan Whigs, Pixies, Pearl Jam, maar evengoed van elektronische muziek zoals The XX of meer recent Billie Eilish. Wanneer ik wil chillen zet ik Norah Jones op, of iets klassieks. Mijn man speelt de platen van Neil Young en Bob Dylan grijs, en die mannen kan ik ook wel pruimen.

  Het is een goed bewaard geheim dat jullie van een wijntje houden.  Toch gaan jullie in dit boek voor een Breezerclub?

Joke: Voor alle duidelijkheid: Breezers drinken wij al jaren niet meer! Bah! Haha! Maar toen wij jong waren dronken we dat wel, en het leek ons een typische en herkenbaar drankje om te verwerken in het verhaal.


Barbara
: Breezers zijn pure nostalgie!

  Charlie bant zorgen door Netflix te kijken.  Herkennen jullie zich ook hierin?  Wat is jullie favoriete film of serie op dit platform?

Joke: Ik ben wel fan van Netflix, en misschien is series kijken wel een vorm van escapisme. In ieder geval vind ik het ontspannend. Ik vond ‘Casa de Papel’ spannend, ‘The Pier’ vond ik zalig wegdromen, ‘Breaking Bad’ heb ik ook gebingewatched, … bij deze beken ik: ik heb een behoorlijk meanstrame smaak.

Barbara: De beste serie van het afgelopen jaar was voor mij Severance (Apple Tv). Ik ontdekte op Netflix The Fall, met Gillian Anderson, en die vond ik ook super (al is die al wat ouder). Mijn all time favorite series: Twin Peaks, The X-Files, Breaking Bad, Casa de Papel en nog een boel andere waar ik nu even niet op kan komen.

  Antwerpen is heel prominent aanwezig in ‘Kersenrood en kriekezot’.  Hebben jullie een connectie met de Sint-Andriesplaats, de Marnixplaats?

Joke: Eerder met Antwerpen in het algemeen. Ik woon er nu al jaren (en begrijp dus niet waarom Barbara is weggegaan ;-) ). De plaatsen die in het verhaal voorkomen vinden we beiden heel gezellige plekken in de stad.

Barbara: Ik ben in Antwerpen geboren en heb met elke straat wel een connectie. Ik ging vroeger uit in de Aalmoezenier, niet ver van de Sint-Andriesplaats. In een zijstraat van de Marnixplaats woonde een vriendje van me.

  De Kloosterstraat is een voor jullie bijzondere straat?   Ze kwam ook al voor in ‘Blauw’?

Joke: Er hangen niet echt gezamenlijke herinneringen aan vast. Hoewel ik zelf wel een aantal jaren een kunstgalerie had in de Kloosterstraat. Het is een bekende straat in het Antwerpse, het is er heerlijk snuisteren, ook op zondag. Laat het een tip zijn!

Barbara: Joke is te bescheiden! Natuurlijk is de Kloosterstraat zo belangrijk omdat zij daar een kunstgalerie uitbaatte, een hele mooie! We hebben die in Blauw gebruikt, als de zaak van Olivia. Ik ben dol op die straat, mijn man en ik houden erg van oude spullen en ons huis staat vol van vondsten uit de Kloosterstraat. De moeite om eens op een zondag naartoe te gaan.

  ‘Kersenrood en kriekezot’ snijdt onderwerpen aan die niet altijd vlot bespreekbaar zijn: oa borstprotheses en lingerie.  Wat willen jullie hiermee bereiken?

Joke: Ik denk persoonlijk dat deze zaken onder vriendinnen of zussen toch bespreekbaar zijn? En zo niet, dan hoop ik dat door erover te schrijven alsof het doodnormale zaken zijn (wat ze ook zijn), de onderwerpen toch bespreekbaarder worden.

Barbara: boeken verbreden onze kijk op de wereld, dus kunnen wij als auteurs daar gebruik van maken. In Roadtrip naar Nergens heb ik dat proberen doen met vroegtijdig zwangerschapsverlies, in Blauw en Alleen speelt ongeplande zwangerschap dan weer een rol. Het zijn onderwerpen die voor veel bij het leven horen.

  Nu Charlie knopen moet doorhakken twijfelt ze tussen reizen en vrijwilligerswerk doen.  Hebben jullie ooit vrijwilligerswerk overwogen?

Joke: ik heb het overwogen toen mijn dochtertje nog heel klein was en ik single. Helaas bleek het een kostelijke zaak en praktisch niet haalbaar. Ik ben wel eens soep gaan uitdelen bij daklozen en ergens denk ik toekomstgericht, wanneer ik meer tijd heb, dat ik me toch nog eens als vrijwilliger opgeef.

Barbara: Ja! Waar ik woon zitten de asielen overvol, dus af en toe helpen we daar een handje.

  De zussen delen een fascinatie voor het Britse koningshuis?  Wat vinden zij zo fascinerend?  Of gaat het veel dieper dan dat en heeft het meer te maken met de band die ze hadden met hun moeder?

Joke: die fascinatie hebben ze eigenlijk met de paplepel meegekregen van hun moeder. En omdat de zusjes hun mama op jonge leeftijd hebben verloren was dat ook een beetje hun manier om hun mama dichtbij te houden denk ik. Een soort eerbetoon misschien zelfs.

Barbara: Ja, door die traditie levend te houden, houden ze de herinnering aan hun moeder ook levend.

  Er wordt wat af geswipet in ‘Kersenrood en kriekezot’!  Blijkt dat de perfecte match vinden niet over rozen gaat.  Waarmee jullie willen zeggen?

Joke: De situaties in Kersenrood zijn wel verzonnen, maar ze zijn gebaseerd op ervaringen van single vriendinnen. Je houdt het niet voor mogelijk wat mensen meemaken op dates, werkelijk hilarisch. En ik blijf me erover verbazen hoe moeilijk het is om een partner te vinden, althans voor de meeste mensen die ik ken. Het lijkt wel of er nog weinig mensen echt engagement willen tonen in een relatie.

Barbara: Haha, ik had een Tinder profiel aangemaakt om eens te kijken hoe dat werkt (research! marktonderzoek!) en een van de eerste foto’s die ik tegenkwam, was die van ‘klein zwembroekje’. Hilarisch! Ik heb geen ervaring met het vinden van een partner via apps, maar kan me voorstellen dat het soms ontmoedigend is. Maar ja, uitdaging moet er zijn, niet? Een relatie is dat ook.

  Charlie’s Broc ’n Roll biedt heel wat gezonde gerechtjes en lekkere dessertjes.  Eten jullie graag?  Altijd gezond?  Of mag een kleine zonde zoals een brownie altijd?

Joke: Zelf ben ik een heuse bourgondiër. Het pure type van ‘wining & dining’ als hobby. Ik kook ook erg graag. Vermits ik gezonde voeding zeer belangrijk vind kook ik dagelijks vers en gaan we gierig om met vlees, gluten en lactose. Maar jazeker, een brownie mag altijd! Of twee.

Barbara: Joke is van ons beiden de keukenprinses, zonder twijfel. Zij heeft ook alle gerechtjes in Kersenrood bedacht. Ik eet liever dan dat ik kook ;) Maar ik eet wel gezond. Op mijn vijftiende besloot ik vegetariër te worden en enkele jaren geleden at ik zelfs veganistisch, maar sinds ik naar Portugal ben verhuisd ben ik pescotariër en eet ik dus wel weer vis en schaaldieren (vers uit de zee).

• Indien Charlie jullie lievelingsgerecht op de kaart zou zetten, wat zou dat dan zijn?

Joke: Zo een makkelijke eter ik ben, zo’n grote twijfelaar ben ik. Dus ik vind dit een zeer moeilijke vraag. Hangt ook af van het seizoen of de plek waar ik me bevind.

Barbara: Pfoeh da’s moeilijk… Een zelfgemaakte pizza met rucola en buffelmozzarella misschien? Of een slaatje met scampi en mango…

  Met welk dessertje zou ze jullie kunnen verleiden?

Joke: ook een moeilijke! Maar als ik zo meteen klaar ben met dit interview ga ik mezelf verwennen met een dame blanche met meringue, dus dan kies ik dat.

Barbara: Warme appeltaart met vanille ijs 🙂

  In wiens huid zouden jullie kunnen passen:  die van Beth, Georgina, Charlie of Lin?  Waarom?

Joke: dit is een leuke vraag, maar toch ook niet makkelijk. Mijn eerste idee is dat ik eerder het losbollige van Beth heb en Barbara het gedisciplineerde van Georgina. Maar ik heb zeker ook het kooktalent van Charlie en Lin haar controle gedrag is mij helaas ook niet vreemd.

Barbara: Ik denk dat ik inderdaad vooral Georgina in me heb, en zeker ook Lin. Maar ook wat van Simon!

  De rode draad in jullie tweede boek doet sterk denken aan ‘Blauw’.  ‘Familie’, ‘vriendschap’ en ‘eenzaamheid’ zijn terugkerende thema’s.  Omdat dit levensnoodzakelijke waarden zijn voor jullie?

Joke: Het zijn inderdaad waarden die ons nauw aan het hart liggen. En dat we zelf vriendinnen zijn zal er onbewust ook wel voor iets tussen zitten.

Barbara: Ja, zussen en vrienden, dat zijn zaken die terugkeren inderdaad. Joke heeft twee zussen, dus zij kent die dynamiek, en zelf vinden we het leuk om over vriendschap tussen vrouwen te schrijven omdat we zelf vriendinnen zijn.

  Jullie mogen hier kort jullie boek promoten.  Hoe overtuigen jullie de lezer dat ze ‘Kersenrood en kriekezot’ zouden moeten lezen?

Joke: ik zou zeggen, laat het verhaal je overtuigen door het boek te lezen.

Barbara: Kersenrood & Kriekezot is een warm verhaal. Het combineert twee verhaallijnen, eentje in de jaren tachtig en eentje nu, die samenkomen in een mix van lekker eten, vriendschap en liefde.

  Tot slot.  Zijn er al plannen voor een volgend project waarvoor jullie samen schrijven?

Joke: Wie weet …

Barbara: Never say never!


 

Barbara en Joke, bedankt voor jullie tijd!

Jullie laten het achterste van jullie tong niet zien. 😊  Maar …, ik herinner mij dat jullie op dezelfde manier reageerden na de publicatie van ‘Blauw’, toen we elkaar ontmoetten in een wijnbar op het Zuid in Antwerpen.  En kijk, ‘Kersenrood en kriekezot’ ligt nu toch maar mooi in de boekhandel! 

Hopelijk brengt 2023 jullie veel inspiratie!!

Anita

Joke: mijn allerliefste, zachtste, warmste en lekkerste wensen voor jullie, en hartelijk dank om ons deze kans te bieden!

Happy New Year! xxx

donderdag 21 juli 2022

Interview met Sophia Drenth

 


Zou jij je je kunnen voorstellen aan onze lezers van Boekinkt, die jou nog niet kennen. En we zijn vooral nieuwsgierig naar jouw monsterlijke- en jouw frivole kant.

SD: Hoi lezers van Boekinkt die mij nog niet kennen! Ik ben Sophia Drenth, woonachtig in Amsterdam, schatzoeker op vlooienmarkten en tegelijkertijd notoir ontspuller. Als dat niet een frivole tegenstelling is weet ik het ook niet meer.

Sinds 2014 ben ik full time schrijver, nadat ik werd wakker geschud door een intense nachtmerrie die zou uitgroeien tot mijn boekenreeks, Bloedwetten. De reeks laat zich het best omschrijven als vampierboeken in een Nederlands jasje. In 2020 tekende ik een dubbel boekcontract bij Hamley Books. Voor hen schrijf ik griezelig spannende jeugdboeken met een knipoog.

Je bent, naast de afronding van je Bloedwettenreeks voor volwassenen, begonnen met een jeugdreeks rond het kleine vampiertje Vladimir von Rotenbeck dat geplaagd wordt door zijn allergie voor bloed. Hoe ben je op dit komische idee gekomen?

SD: Dit komische idee is geboren door een totaal niet komische realiteit. Vladimirs kwaal is namelijk autobiografisch. Ik schreef het eerste boek meer dan twintig jaar geleden in de vorm van een kort verhaal, waardoor ik me niet meer precies kan herinneren wat er destijds gaande was in mijn leven. Ongetwijfeld werd ik geplaagd door boze darmen, want dat is hoe mijn leven er sinds mijn zestiende levensjaar uitziet, nadat men in het ziekenhuis verkeerde keuzes maakte aangaande de behandeling mijn toch al overgevoelige lijf.

Aangezien men zegt dat je als schrijver moet schrijven over wat je kent, was het een logische keus om mijn eigen ervaringen op papier te zetten, maar dan wel vermengd met de nodige humor, want niemand zit te wachten op mijn best wel saaie levensverhaal.

De therapieën die Vladimir in het eerste hoofdstuk van elk boek ondergaat zijn in meer of mindere mate op eigen ervaringen gebaseerd.

Jouw boeken staan vol van eigenaardige en gruwelijke monstertjes en creepy typetjes. Was je al jong bezig met gruwelverhalen? Is jouw wat donkere fantasie vooral een zegen geweest of ook wel eens een last?

SD: Ik ben van nature een schijtlijster. Dat was ik vroeger al en nu nog steeds. Ik kan mezelf de stuipen op het lijf jagen door veel te lang door te denken. Tijdens elke autorit denk ik minstens één keer aan doodgaan.

Als kind hield ik van knuffelbeesten en Garfield. Dus ik was zeer zeker niet vanaf mijn jonge jaren bezig met creepy dingen.

Ik houd nog steeds niet van horrorboeken of -films. Mijn boeken zijn dan ook niet geschreven als zijnde horror. Ja, ik houd ervan om duistere thema’s aan te boren, maar ik doe dit niet puur met het vooropgezette plan om te shockeren en de lezer van begin tot eind een akelig onderbuikgevoel te bezorgen.

Ik ben als schrijver vooral geïnteresseerd in achterhalen wat iemand drijft om zijn of haar toevlucht te zoeken tot bepaalde daden en gedrag. Daarvoor moet je als schrijver ver durven gaan. Daarnaast zoek ik altijd naar het licht voor mijn personages, hoe zwart hun leven ook is geworden. Als je tijdens zo’n periode een lichtpuntje weet te vinden, heeft dat naar mijn mening extra waarde.

In het 2e deel, De Pestmachine, krijgt Vladimir het aan de stok met de Pestmeesters die het uiterlijk hebben van de zo gevreesde pestdoktors uit de Middeleeuwen. Heb je zelf een bijzondere binding met deze tijd en hoe ben je op dit idee gekomen?

SD: Pestmeesters hebben mij altijd al gefascineerd met hun bizarre uitdossing. Toen ik dertig jaar geleden begon met schrijven, schreef ik lange tijd klassieke Fantasy in een middeleeuwse setting. Daar ben ik inmiddels al lange tijd overheen gegroeid, dus met de middeleeuwen heb ik niet meer zoveel.

Ergens tijdens de pandemie kwam het als logisch op me over om iets te doen met pestmeesters in mijn tweede jeugdboek, toen het symbool van pestmeester logischerwijs nieuw leven werd ingeblazen door de toestand in de wereld. Omdat veel mensen moeite hadden met zich aan de regels houden die van boven af werden opgelegd, leek me dat een mooi uitgangspunt voor een verhaal. Aanvankelijk was ik van plan om er veel meer een soort inquisitie van te maken dan het uiteindelijk is geworden. Ik vreesde zelfs voor boekverbrandingen als ik mijn oorspronkelijke ideeën op papier zou zetten. Toch is dat niet de reden dat ik het over een andere boeg heb gegooid. Schrijven is voor mij een grillige aangelegenheid en ik volg het spoor dat mijn personages me duiden. Misschien is het wel allemaal wat minder ernstig geworden door het woord ‘frivool’. Daardoor is het boek een stuk lichter van toon geworden dan ik aanvankelijk dacht. En dat is maar goed ook.



Wat ik zelf vooral uit jouw Vladimir reeks vind uitspringen is het feit dat het oké is om anders te zijn. Iets wat in mijn ogen niet vaak genoeg gezegd kan worden tegen vooral de jongeren onder ons. Is hier misschien ook iets autobiografisch in verwerkt? Heb jij je vroeger wel eens anders gevoeld en hoe ging je daar dan mee om?

SD: Vanwege mijn chronische ziekte heb ik me altijd een buitenbeentje gevoeld. Nu nog steeds. Ik ben pas sinds een paar jaar opener geworden over de uitdagingen die dagelijks op mijn pad komen. Ik heb me lange tijd geschaamd dat mijn lijf zich anders gedraagt dan normaal. Dit komt voornamelijk door de reacties van anderen die ik te verduren heb gehad. Van leraren die achter mijn rug om zeiden dat ik me aanstelde tot dokters die recht in mijn gezicht verkondigden dat ik verslaafd was, omdat het niet lukte om mijn medicatie een week lang niet te slikken.

Nog steeds vind ik het moeilijk dat doodgewone dingen lastig worden. Mensen moeten rekening met mij houden, terwijl ik het liefst normaal wil zijn. Daardoor loop ik vaak dingen uit te leggen. Dan voelt het of ik me loop te verontschuldigen voor iets waar ik niets aan kunt doen en dat is gewoon stomvervelend. Het drukt me telkens weer met je neus op de feiten dat ik anders bent dan anderen.

Ik kan me voorstellen dat veel kinderen (en volwassenen) zich zo voelen. Daarom is het een uitstekend thema om uit te werken.

Wat is het meest angstaanjagende boek, film of iets anders, wat je zelf ooit hebt meegemaakt.

SD: De dood van mijn vader was de grootste nachtmerrie die ik tot nu toe in mijn leven heb ervaren. Door het falen van de zorg mondden zijn laatste uren uit in een horrorfilm. Aan de ene kant afschuwelijk om te hebben meegemaakt, aan de andere kant in zekere mate een geruststelling om te weten dat ik een dergelijke traumatische gebeurtenis te boven heb kunnen komen. Ik moet wel bekennen dat ik hierdoor nog steeds niet in het reine ben met de dood.

Als wij jouw boekenkast zouden kunnen zien, wat komen we daar dan tegen? Heb je favoriete auteurs, of een favoriet genre? En wat is het mooiste/dierbaarste/bijzonderste boek dat je bezit?

SD: Als jullie een kijkje in mijn boekenkast zouden nemen, dan zouden jullie steeds meer lege planken zien. Ik had het al eerder over het ontspullen. Ik ben bezig om mijn leven op de schop te gooien en ook boeken zijn wat dat betreft niet heilig. Inmiddels heb ik meer dan de helft van mijn boeken weggedaan.

Ergens in de beginjaren van het millennium ben ik mijn schrijf- en leeswoede kwijtgeraakt. De schrijfwoede is teruggekeerd dankzij die nachtmerrie. De leeswoede niet. Sterker nog, doordat ik zelf herschrijf tot ik erbij neerval, lukt het me bijna niet meer om me in een boek te verliezen. Ik kan die denkbeeldige rode pen niet neerleggen.

Het schijnt niet te mogen dat je als schrijver weinig leest, maar na een dag schrijven heb ik simpelweg geen fut meer om me in een boek te verdiepen en de afgelopen acht jaar heb ik zowat non stop geschreven.

Het is een beetje zoals de chef-kok die thuis niet kookt. Lezen is voor mij geen ontspannende bezigheid.

Om mijn favoriete schrijvers te vinden moeten we dus wat verder terug in de tijd. Clive Barker zal altijd hoog op mijn lijstje staan. Hij is ook nog eens verschrikkelijk aardig in het echt. Ik heb hem ooit mogen interviewen.

Ook de boeken van Neil Gaiman en Chine Miéville kan ik waarderen. Het enige boek dat mij de afgelopen jaren van mijn sokken heeft geblazen is The Gargoyle van Andrew Davidson. Zo’n boek dat me via via werd aangeraden en waarvan ik hoorde dat beren van mannen ervan in tranen uitbarstten. Ik heb zelf in ieder geval ook de nodige tranen vergoten tijdens het lezen.

Het gaat over een mannelijke pornoster die gruwelijk verbrand raakt tijdens een auto-ongeluk. Tijdens zijn revalidatie krijgt hij bezoek van een vrouw die beweert dat ze elkaar uit vorige levens kennen. De verhalen die ze hem vertelt (het is een raamvertelling) zijn zeer gedetailleerd en vaak hartverscheurend. Het is het hele boek door de vraag of zij knettergek is of de waarheid spreekt.

Dit is het soort boeken waarvan ik houd: verhalen die zich in de echte wereld afspelen (al dan niet tegen een historische achtergrond), waarin een speculatieve twist zit die de waarheid zoals we die denken te kennen op de schop gooit.

Welk boek staat er in je kast te prijken dat je nog steeds niet hebt gelezen en waarvan je elke keer denkt: ‘jou moet ik nu echt als 1e gaan lezen?’

SD: Laat ik eerst maar een The crimson petal and the white uitlezen van Michel Faber. Dat boek ligt nu al langer dan twee jaar naast mijn bed. Dat heeft niets te maken met de kwaliteit ervan. Zoals ik al zei heb ik na een dag schrijven geen fut meer in letters. Ik rol mijn bed in en ga maffen.

Sinds ik drastisch aan het ontspullen ben, heb ik me erbij neergelegd dat ik een ander mens ben dan, zeg, twintig jaar geleden. Als een boek al zo lang in de kast staat zonder te zijn gelezen, dan heeft het me al die tijd niet kunnen overtuigen om het op te pakken en doe ik het weg.

Ik heb zelf je online presentatie van De Pestmachine bekeken en heb er van gesmuld. Zou je, voor degene die niet hebben gekeken, kunnen verklappen waarover de volgende Vladimir gaat. De personages die een hoofdrol krijgen of misschien al iets over de cover of de titel, en is het al bekend wanneer deze ongeveer uitgebracht gaat worden?

SD: Ik ben het soort schrijver dat meestal vanuit één idee begint, zonder vooropgezet plan. Op dit moment heb ik een paar ideeën voor Vladimirs volgende avontuur, dus dat is al winst.

Oma is ziek en Vladimir moet haar bloedplasma brengen. Oma woont diep in het Grimgruwelbos, dus deze missie is zeer zeker niet zonder gevaar. Naswikka die altijd wel in is voor een avontuur gaat vanzelfsprekend mee. Het grote probleem is alleen dat zij een knalrood manteltje van Vladimirs zusjes heeft gekregen en het vertikt om dat stomme ding uit te trekken. Dat is natuurlijk vragen om problemen.

Cover en titel zijn nog niet bekend, evenmin kan ik veel kwijt over de verschijningdatum. Na acht jaar non stop schrijven en de afgelopen twee jaar twee boeken per jaar uitbrengen (een in eigen beheer en een bij Hamley Books) ben ik om eerlijk te zijn aan vakantie toe. Het plan is wel om het boek voor het eind van het jaar bij de uitgever in te leveren.

En dan nog een paar hele snelle korte vragen:

Zon of Maan?

SD: Aangezien ik van de zon spontaan ontvlam, toch maar de maan.

Een gezonde cracker met tomaatjes of een biefstuk ‘rare’?


SD: Vanwege mijn boze darmen moet ik uit de buurt gluten blijven. Tomaatjes gaan er wel goed in op een rijstwafel. Biefstukken eet ik niet al te bloederig. Mijn identificatie met mijn personages kent grenzen.

Slenteren over de kinderkopjes op de Dam in Amsterdam of die van het Knekelplein in Knekelstein?

SD: Vanwege mijn verhuisplannen toch maar de kinderkopjes in Knekelstein.

Visite krijgen van Wiesewasjes of van Plofkabouters?

SD: Wiesewasjes zijn niet te vertrouwen, dat weet iedereen. In het gezelschap van plofkabouters kan ik mijn winden schaamteloos laten waaien, wanneer mijn boze darmen weer eens opspelen. Daar kijken zij niet van op. Ze zijn wel altijd een beetje teleurgesteld dat de grote knal uitblijft.

Een frivool en eindig leven of het eeuwige leven als gruwelijke steeds terugkerende nachtmerrie? (waarbij je zelf mag kiezen bij wie)

SD: Ik zou het verspilling vinden om mijn eeuwige leven te wijden aan het plagen van een ander, dus dan toch maar die frivole eindigheid, ook al moet ik wel nog eens een goed gesprek voeren met de dood over hoe en wat en zo.

 

Sophia heel erg bedankt voor het beantwoorden van al onze vragen en namens onze lezers van Boekinkt heel veel succes met het schrijven van de volgende Vladimir.

woensdag 30 maart 2022

Interview met Kaat de Kock

 


Kaat de Kock won met haar jeugdboek ‘Selfie’ in 2016 de Jonge jurydebuutprijs. Een mooie impuls om te blijven schrijven en dat is iets wat Kaat zeker doet! Want sinds 2016 heeft ze inmiddels al een stuk of tien verhalen uitgebracht en de volgende die uitkomt staat op stapel. Tijd om deze auteur een aantal vragen voor te schotelen.

Vorig jaar verscheen je feelgood Winter in de B&B. Heb je zelf wel eens overnacht in een B&B? Zo ja, hoe was je ervaring of overnacht je liever in een hotel?

Als ik echt eerlijk mag zijn: geen van beiden. Ik ben erg lawaaigevoelig en word bij het minste geluidje wakker, daarom probeer ik meestal een huisje of rustig appartement te huren op vakantie. Maar als ik moet kiezen tussen een hotel of een B&B, dan verkies ik zeker de charme en persoonlijke aanpak van een B&B.

Ben jij net zo impulsief als jouw hoofdpersoon die zomaar plots in een ander land een B&B start? Wat zou jij doen als je zoiets erft?

Ik denk dat ik het vast als weekendhuis zou houden en er na mijn pensioen zou gaan wonen. Ik ben niet zo impulsief, maar best ondernemend, want ik heb wel tien jaar als zelfstandig redacteur gewerkt. Helaas liet het zelfstandigenpensioen niet toe dat ik dat m’n hele leven bleef doen.

Zou je het leuk vinden om een B&B te runnen? En dan waar?

Een B&B misschien niet, maar een park vol tiny houses verhuren in een bos en daar zelf ook wonen, lijkt me wel een droom?

Maak je bij jouw verhalen gebruik van eigenschappen van mensen om je heen? Zit jijzelf nog in iemand verstopt?

Absoluut! In de B&B-reeks ben ik echt wel voor een heel groot stuk Hanne, en mijn ‘Help’-reeks is het hoofdpersonage sterk gebaseerd op mijn dochter en haar vrienden. Illustrator Chrostin heeft daarvoor ook echt mijn dochter getekend. Daarvoor had ik natuurlijk haar toestemming, want verder zou ik nooit mijn personages baseren op mensen die ik ken, daarvoor respecteer ik hen en hun privacy te hard.

Hoe zou jouw beste vriendin jou omschrijven?

Ik vermoed als grappig, onzeker, trouw, angstig, empathisch en koppig.


Binnenkort komt je kinderboek Mama Heks uit, kun je iets meer vertellen over het verhaal en het ontstaan ervan?


Mama Heks schreef ik eigenlijk jaren geleden. Toen mijn dochter klein was, had ik haar wijsgemaakt dat ik een heks was. Ze stelde alsmaar vragen, waarop ik dan een geloofwaardig antwoord moest verzinnen, zodat m’n verhaal bleef kloppen. Dat verhaal heb ik op een dag uitgeschreven tot een boek, speciaal voor haar. Ik heb het afgeprint en ze heeft het zo vaak gelezen. En nu wordt het een echt boek, wat wel speciaal is. Op een of andere manier is het mijn meest persoonlijke en favoriete boek. Het gaat verder natuurlijk ook over discriminatie, vooroordelen en uitsluiting, maar niet op een zware manier, het is en blijft een vrolijk kinderboek.

Gaat het schrijven je makkelijk af? Of heb je weleens geen inspiratie? En wanneer dit het geval is wat doe je dan?

Ik probeer hout vast te houden terwijl ik dit typ, maar ik heb tot nu toe nog nooit gebrek aan inspiratie gehad! Ik begin gewoon te schrijven en blijf schrijven tot ik plots een boek heb. Hoewel het me dus heel makkelijk afgaat, vind ik het ook erg vermoeiend en heb ik er niet altijd zin in. Ik kan niet uren aan een stuk schrijven.

Is er een genre wat je wel eens zou willen uitproberen?

Ik schrijf al best veel genres, maar een thriller vol volwassenen (voor tieners schreef ik er al eentje), zou ik heel graag nog eens schrijven.

Wat lees jezelf eigenlijk graag?

Ik ben zelf een heel grote thrillerfan, dus daar doe je me altijd plezier mee, maar ik ben grote fan van Stephen King, Jo Nesbø, John Irving, Jonathan Frantzen.

 

Welk boek zou iedereen moet lezen volgens jou?

Dat vind ik een erg moeilijke vraag. ‘It’ van Stephen King vind ik zo’n onderschat boek, dat zoveel meer is dan horror en dat me diep heeft ontroerd, maar ook ‘The Underground Railroad’ van Colson Whitehead en ‘Zeitoun’ van Dave Eggers vind ik grote en belangrijke boeken


Hoe moeten wij ons jou schrijvende voor ons zien? Binnen aan je bureau, buiten aan de tuintafel in de zon of het liefste...
Schrijf je met muziek aan?

Hoe minder prikkels hoe liever! Ik schrijf in een zetel in mijn home office en in complete stilte. Ik blokkeer al als er iemand in dezelfde ruimte is, zelfs als die stil is. Alleen m’n kat is welkom ;-)

Als je je manuscript af hebt, wie is dan de eerste die je het laat lezen?

Mijn uitgever. Zij zijn de enigen van wie ik het oordeel vertrouw.

Wie is eigenlijk jouw schrijfvoorbeeld?

Dat is ook Stephen King. Het tempo waarin hij schrijft, en hoe hij elk jaar een dik boek blijft schrijven terwijl hij natuurlijk allang steenrijk is, dat vind ik bewonderenswaardig. Dat is echt liefde voor het schrijven.

Wanneer jij de interviewer zou zijn welke vraag zou je dan zeker gesteld hebben?

‘Maar doe je het ook graag?’

En wat is je antwoord op deze vraag?

Goh, niet altijd. Het is meer een soort drang dan echt een hobby. Maar als ik positieve berichtjes of post lees over m’n boeken, vind ik het plots weer het allerleukste ooit!


Dank je wel voor je openheid en je eerlijke antwoorden Kaat! Ik hoop dat je de drang naar het schrijven blijft houden en wens je veel succes met het schrijven van die hele spannende thriller waarmee je ons gaat verrassen.

Jacqueline



Hanne is een twintiger die in een klein appartementje in de stad woont en probeert rond te komen van het loon dat ze verdient met een job waar ze een hekel aan heeft. Dan krijgt ze te horen dat ze een vakantiehuis in de Ardennen heeft geërfd. Als het 'vakantiehuis' een grote villa met gigantische tuin blijkt te zijn, heeft ze geen idee wat ze met zo'n huis aan moet. Tot haar moeder haar ervan weet te overtuigen om een bed and breakfast te beginnen. Samen trekken ze naar de Ardennen en proberen ze een nieuw leven én een zaak op te bouwen. Maar niet iedereen ziet hen even graag komen. Hanne doet er alles aan om het respect van de plaatselijke bewoners en vooral dan van die héél knappe klusjesman te winnen.

Zoeken in deze blog

Droom naar de toekomst van Rina Stam

  Droom naar de toekomst is het tot de verbeelding sprekende slotstuk van de spirituele Rode Draad Trilogie   Flora woont alleen in Spanje...